De Aloe marlothii, vaak simpelweg Aloë genoemd, is een stevige vetplant die je herkent aan zijn rozetvormige groei en brede bladeren. Het is een plant die het goed doet in huis en met zijn robuuste uiterlijk een opvallende verschijning is, zelfs als hij nog klein is. Een ideale keuze als je op zoek bent naar een makkelijke plant die niet veel van je vraagt.
Licht en standplaats
De Aloë is een echte zonaanbidder. Hij heeft direct zonlicht nodig om goed te groeien. Denk hierbij aan minimaal vier uur direct zonlicht per dag. Een zonnige vensterbank op het zuiden of westen is daarom de meest geschikte plek. Zet de plant direct voor het raam, zonder obstakels ertussen, zodat hij optimaal van het licht kan profiteren.
Water geven
Deze vetplant slaat water op in zijn bladeren en heeft daarom niet veel nodig. Geef de Aloë eens per twee tot vier weken water. Het allerbelangrijkste is dat de grond volledig is opgedroogd voordat je opnieuw water geeft. Voorkom dat de plant langdurig in natte grond staat, want dat kan problemen veroorzaken.
Luchtvochtigheid en temperatuur
De Aloë komt van nature voor in drogere gebieden en stelt dan ook geen hoge eisen aan de luchtvochtigheid. Een lage luchtvochtigheid, zoals die in de meeste huizen, is prima voor deze plant. Je hoeft je dus geen zorgen te maken over sproeien of extra maatregelen om de luchtvochtigheid te verhogen.
Grond en voeding
Voor een Aloë is goed drainerende grond essentieel. Cactusgrond is een uitstekende keuze, maar je kunt ook zelf een mix maken die goed water doorlaat. Dit voorkomt dat de wortels te lang nat blijven staan.
Wat voeding betreft, is de Aloë ook bescheiden. Geef twee tot drie keer per jaar vetplantenvoeding, specifiek in de lente en zomer wanneer de plant actief groeit. In de herfst en winter heeft de plant geen extra voeding nodig.
Verpotten
De Aloë heeft een langzame groeisnelheid en hoeft daarom niet vaak verpot te worden. Verpotten is pas nodig als de wortels echt te krap zitten in de pot, of als de plant te groot wordt voor zijn huidige plek. Omdat de plant binnen een meter hoog en breed kan worden, kan een grotere pot op termijn nodig zijn.
Vermeerderen
Vetplanten zoals de Aloë zijn vaak goed te vermeerderen door middel van zijscheuten. Deze kleine plantjes groeien naast de moederplant en kun je voorzichtig losmaken. Zorg ervoor dat de zijscheut al wat worteltjes heeft voordat je hem plant in zijn eigen potje met geschikte potgrond.
Veelgemaakte fouten
Ook al is de Aloë een makkelijke plant, er zijn een paar dingen waar je op moet letten om hem gezond te houden.
- Te veel water geven: Dit is de meest voorkomende fout en leidt vaak tot wortelrot. De bladeren kunnen dan ook slap worden. Zorg ervoor dat de grond volledig opdroogt tussen de waterbeurten door.
- Te weinig licht: Als je Aloë te weinig direct zonlicht krijgt, kunnen de bladeren verbleken. Zet de plant op een zonnigere plek, bijvoorbeeld direct voor een raam op het zuiden of westen.
- Wolluis: Deze kleine, witte beestjes kunnen zich nestelen op de plant. Controleer de plant regelmatig en verwijder wolluis handmatig of met een geschikt middel als je ze ziet.
- Giftig voor huisdieren: Houd er rekening mee dat de Aloë giftig is voor huisdieren. Zet de plant buiten bereik van nieuwsgierige katten of honden om problemen te voorkomen.








