De Erwtenplant, officieel bekend als Senecio kleiniiformis, is een bijzondere verschijning die je vast al eens hebt gezien. Deze vetplant, familie van de Asteraceae, heeft een opgaande groeiwijze en valt op door zijn unieke, vleesachtige stengels die doen denken aan erwten. Het is een makkelijke plant die met zijn gemiddelde groeisnelheid en maximale hoogte van zo'n 100 cm (en 80 cm breedte) een mooie aanvulling kan zijn in huis, ook als je nog geen groene vingers hebt.
Licht en standplaats
De Erwtenplant is een echte zonaanbidder. Hij heeft direct zonlicht nodig om goed te groeien en zich prettig te voelen. Denk hierbij aan een zonnige vensterbank op het zuiden of westen, waar hij minimaal vier uur direct zonlicht per dag krijgt. Plaats hem direct voor het raam; een afstand tot het raam is niet nodig en zelfs ongewenst voor deze plant.
Water geven
Als vetplant heeft de Erwtenplant weinig water nodig. Je hoeft hem maar eens per twee tot vier weken water te geven. Het is cruciaal dat de grond volledig is opgedroogd tussen de waterbeurten door. Twijfel je, wacht dan liever nog een dag. Te veel water is een veelgemaakte fout bij vetplanten en kan snel leiden tot problemen.
Luchtvochtigheid en temperatuur
Qua luchtvochtigheid is de Erwtenplant niet veeleisend. Een normale luchtvochtigheid in huis is prima voor deze plant. Je hoeft je dus geen zorgen te maken over sproeien of extra maatregelen om de luchtvochtigheid te verhogen.
Grond en voeding
De Erwtenplant doet het goed in standaard kamerplantengrond. Er zijn geen speciale eisen voor het substraat, wat het makkelijk maakt.
Wat bemesting betreft, geef je de plant vloeibare plantenvoeding eens per maand. Doe dit alleen tijdens de groeiperiode, die loopt van april tot september. In de herfst en winter heeft de plant geen extra voeding nodig.
Vermeerderen
Het vermeerderen van de Erwtenplant is relatief eenvoudig. Je kunt dit doen door stengelstekken te nemen. Knip een gezond stuk stengel af en laat de snijwond een dag of twee drogen. Dit voorkomt dat de stek gaat rotten wanneer je hem in de grond zet. Vervolgens kun je de stek in vochtige potgrond steken. Met wat geduld zal de stek wortels vormen en uitgroeien tot een nieuwe plant.
Veelgemaakte fouten
Hoewel de Erwtenplant een makkelijke plant is voor beginners, zijn er een paar valkuilen waar je op moet letten:
- Te veel water geven: Dit is veruit de grootste boosdoener en leidt vaak tot wortelrot. De Erwtenplant kan beter tegen droogte dan tegen te veel nattigheid. Zorg ervoor dat de grond volledig is opgedroogd voordat je opnieuw water geeft.
- Te weinig licht: De Erwtenplant heeft veel direct zonlicht nodig. Als hij te donker staat, kunnen de stengels slap worden en minder stevig groeien. Verplaats je plant naar een zonnigere plek als je merkt dat de stengels hun stevigheid verliezen.
- Onvoldoende drainage: Zorg ervoor dat de pot waarin de Erwtenplant staat een drainagegat heeft. Dit helpt overtollig water af te voeren en voorkomt dat de wortels in het water blijven staan.
- Plaagdieren over het hoofd zien: De Erwtenplant kan, net als andere planten, last krijgen van plagen, zoals wolluis. Controleer je plant regelmatig op kleine witte pluisjes of beestjes, vooral in de oksels van de stengels. Pak eventuele plagen snel aan om verdere verspreiding te voorkomen.
Denk er tot slot aan dat de Erwtenplant giftig is voor huisdieren. Zet de plant dus op een plek waar je huisdieren er niet bij kunnen komen.








